U bent hier: bestuur en organisatie » rekenkamercommissie » microsoft word - nawoord rekenkamercommissie wormerland onderzoek wormerland en de wswdefversie 9 ju
Microsoft Word - Nawoord Rekenkamercommissie Wormerland Onderzoek Wormerland en de Wswdefversie 9 ju
Inhoud overslaan en naar navigatie springen.
Nawoord Rekenkamercommissie Wormerland
9 juni 2009
De Rekenkamercommissie Wormerland dankt het College van B&W van Wormerland en de geïnterviewde ambtenaren voor hun positieve reacties en medewerking bij het onderzoek `Wormerland en de Wsw'. De Rekenkamercommissie is verheugd, dat het college in haar reactie complimenten maakt over het onderzoek `Wormerland en de Wsw' en het rapport compleet en duidelijk noemt. De Rekenkamer commissie waardeert, dat het college concreet ingaat op de conclusies en aanbevelingen van het rapport en het merendeel van de conclusies onderschrijft en overneemt. De Rekenkamercommissie begrijpt, dat de ambitie van B&W ten aanzien van de wachtlijst meer uitgaat naar de solidariteit tussen de 9 gemeenten die met Baanstede een gemeenschappelijke regeling hebben dan een reductie van de Wsw wachtlijst voor de betrokkenen vanuit de gemeente Wormerland. Wel is het opmerkelijk, dat in 2008 de omzet vanuit Wormerland bij Baanstede 12,9% is terwijl de het gemiddeld aantal fte's vanuit Wormerland slechts 1,9% bedroeg. Belangrijk is, dat de vertegenwoordiger van de gemeente Wormerland aan de Raad van Wormerland aangeeft of en op welke wijze Baanstede de andere gemeenten gaat bewegen de inbreng qua omzet de komende jaren meer in balans brengen met het aantal Wsw-fte's van die betreffende gemeenten. Verder is het van belang, dat B&W nader aangeeft aan de Raad welke ongewenste effecten zij verwacht bij het toepassen van financiële prikkels via een bonus regeling. Het college is van mening, dat de wethouder als persoon door de Raad is aangewezen om plaats te nemen in het algemeen bestuur van de GR (Baanstede). De Rekenkamercommissie is van mening, dat de Raad vanuit zijn kaderstellende en controlerende rol de afgevaardigde(n) in de GR ter verantwoording kan roepen. Volgens artikel 16 van de WGR (Wet Gemeenschappelijke Regeling) dient in de algemene regeling van de GR opgenomen te worden op welke wijze de kaderstellende en controlerende rol van de Raad plaatsvindt (zie bijlage 1 en onderstaande link). http://www.st-ab.nl/wetten/0503_Wet_gemeenschappelijke_regelingen_Wgr.htm Verder beveelt de Rekenkamercommissie aan, dat de invoering van het nieuwe bedrijfsmodel welke wordt gestart in 2009 Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Reëel en Tijdsgebonden (SMART) wordt ingevoerd. Dit ondersteunt de door het college genoemde organisatie wijziging en de noodzakelijke cultuuromslag .
Namens de Rekenkamercommissie
Mevr. C. A. M. Laurant Voorzitter rekenkamercommissie gemeente Wormerland
Bijlage 1. Wet Gemeenschappelijke regelingen
Artikel 16 1. De regeling houdt bepalingen in omtrent de wijze waarop een lid van het algemeen bestuur van het openbaar lichaam of een lid van het gemeenschappelijk orgaan aan de raad die dit lid heeft aangewezen, de door een of meer leden van die raad gevraagde inlichtingen dient te verstrekken. 2. De regeling houdt tevens bepalingen in omtrent de wijze, waarop het dagelijks bestuur en een of meer leden daarvan aan het algemeen bestuur de door een of meer leden daarvan gevraagde inlichtingen verstrekken, alsmede door het algemeen bestuur ter verantwoording kunnen worden geroepen. 3. De regeling houdt bepalingen in omtrent de wijze waarop een lid van het algemeen bestuur van het openbaar lichaam of een lid van het gemeenschappelijk orgaan door de raad die dit lid heeft aangewezen, ter verantwoording kan worden geroepen voor het door hem in dat bestuur onderscheidenlijk dat orgaan gevoerde beleid. 4. Ingeval toepassing is gegeven aan het bepaalde in artikel 13, vijfde lid, onder a , houdt de regeling bepalingen in omtrent de wijze waarop aan de raad die geen lid van het algemeen bestuur van het openbaar lichaam of van het gemeenschappelijk orgaan aanwijst, de door een of meer leden van die raad gevraagde inlichtingen worden verstrekt en de door die raad gevraagde verantwoording wordt afgelegd voor het door dat bestuur onderscheidenlijk dat orgaan gevoerde beleid. 5. De regeling houdt bepalingen in omtrent de bevoegdheid van de raad, een door hem aangewezen lid van het algemeen bestuur van het openbaar lichaam of een door hem aangewezen lid van het gemeenschappelijk orgaan, ontslag te verlenen, indien dit lid het vertrouwen van de raad niet meer bezit. Op het ontslagbesluit is artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing. 6. Bij het verstrekken van inlichtingen ingevolge het eerste of het vierde lid, of het afleggen van verantwoording ingevolge het derde of het vierde lid, verschaft een lid van het algemeen bestuur van het openbaar lichaam of een lid van het gemeenschappelijk orgaan over zaken waaromtrent krachtens artikel 23 geheimhouding is opgelegd slechts informatie, indien krachtens artikel 25 van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd. Laatstbedoelde geheimhouding kan eerst worden opgeheven, nadat door het algemeen bestuur van het openbaar lichaam of door het gemeenschappelijk orgaan tot opheffing van de geheimhouding is besloten.